Citroenmelisse (Melissa officinalis) behoort tot de lipbloemenfamilie (Lamiaceae) en komt oorspronkelijk uit het oostelijke Middellandse Zeegebied en West-Azië. De naam 'Melissa' komt van het Griekse woord voor honingbij — bijen worden sterk aangetrokken door de kleine, nectarrijke bloemetjes.
Het kruid wordt al meer dan 2.000 jaar gebruikt. Griekse en Romeinse artsen zoals Dioscorides en Plinius beschreven het, en in de middeleeuwen was citroenmelisse een vaste plant in kloostertuinen. De karmelieten maakten er vanaf de 17e eeuw hun beroemde 'Karmelietenwater' (eau de mélisse) van, een kalmerend kruidendestillaat. Ook Paracelsus roemde de plant.
Vandaag wordt citroenmelisse in heel Europa geteeld. Onze bladeren komen uit gecontroleerde biologische teelt in Nederland en Duitsland, waar het gematigde klimaat zorgt voor een hoog gehalte aan aromatische oliën.